TNO Fysieke belasting

TNO Fysieke belasting

beoordelen, aanpakken en kennis delen

Is bewegen tijdens werk ongezond?

Dagelijks bewegen is goed, maar hoe zit het met bewegen als onderdeel van lichamelijk zwaar werk? Uit een onderzoek van het Amsterdam UMC blijkt dat werknemers met lichamelijk zwaar werk juist een hoger risico hebben op vroegtijdig overlijden dan werknemers met minder zwaar werk.

Dat mensen met zware beroepen gemiddeld korter leven, was al bekend. Een van de oorzaken daarvan is dat zij vaker een ongezonde levensstijl hebben. In nieuw internationaal onderzoek onder bijna 200.000 werknemers uit 13 landen zijn werknemers met fysiek zwaar werk vergeleken met werknemers die licht inspannend werk verrichten én een vergelijkbaar voedings- en bewegingspatroon hebben. Daaruit blijkt dat degenen met het zware werk toch een grotere kans hebben op een vroegtijdige dood.

De uitspraak ‘bewegen is gezond’ lijkt door dit resultaat niet meer houdbaar, of behoeft tenminste enige nuancering.

Wat werd onderzocht?

Mensen met lichamelijk zwaar werk, zoals bouwvakkers of schoonmakers, bewegen in hun vrije tijd vaak minder dan mensen die minder zwaar werken hebben. Na een dag fysieke arbeid hebben ze minder behoefte om ’s avonds nog te sporten. De vraag rijst of dat terecht is, dus of hun zware werk het bewegen in de vrije tijd compenseert. Daarom is in het onderzoek de gezondheid van werknemers met lichamelijk zwaar werk vergeleken met die van werknemers die licht inspannend werk verrichten, zoals in een winkel of de horeca. Deze laatste groep beweegt ook tijdens werk, maar hoeft niet zo zwaar te tillen, duwen of trekken.

Meer bewegen is niet altijd gezond

Uit het onderzoek blijkt dat de groep met licht inspannend werk langer leeft dan de mensen groep met lichamelijk zwaar werk. Er is ook gekeken naar mensen met zittend werk. Deze groep sport weliswaar vaker in de vrije tijd, maar heeft bijna dezelfde levensverwachting als mensen met lichamelijk zwaar werk. In het onderzoek werd gecorrigeerd voor leefstijlfactoren die ook de levensverwachting beïnvloeden, zoals roken, ongezonde voeding en alcoholgebruik.

Pieter Coenen, onderzoeker bij het Amsterdam UMC, locatie VUmc, is verrast door deze uitkomst van het onderzoek: “wellicht komt dit door verschillen in de aard van het bewegen in werk en vrije tijd. Bewegen in het werk duurt doorgaans langer en is minder intensief dan bewegen/sporten in de vrije tijd. Door die intensiteit wordt het hart en vaatstelsel getraind waardoor mensen een betere conditie krijgen en sterker worden. Ook kun je bij sport zelf besluiten om uit te rusten als het lichaam daar om vraagt, terwijl werknemers weinig gelegenheid krijgen voor pauzes”. Die conditie lijkt van belang, zo blijkt uit het onderzoek: “Juist mensen met fysiek zwaar werk en een slechte conditie overlijden eerder dan hun collega’s met een goede conditie.”

Verschil tussen mannen en vrouwen

Ook blijkt dat de resultaten voor mannen en vrouwen verschillen. Mannen met zwaar inspannend werk hebben een 18 procent hogere kans om op jongere leeftijd te overlijden dan hun collega’s met minder zwaar werk. Bij vrouwen geldt dat niet, wat mogelijk verklaard kan worden doordat het zware werk van vrouwen minder zwaar is dan dat van mannen. Deelnemers geven in de onderzoeken namelijk zelf aan hoe zwaar zij hun werk vinden.

Adviezen over bewegen

Coenen: “Bewegen op het werk lijkt niet genoeg: het verbetert de conditie nauwelijks, en leidt dus zelfs tot een hoger risico op sterfte. Net als mensen met zittende beroepen zouden we mensen met lichamelijk zware beroepen misschien moeten adviseren om ook in de vrije tijd voldoende te bewegen of sporten.” Ook voor hen gelden de algemene richtlijnen om minimaal 150 min per week tenminste matig intensief te bewegen. Een grote uitdaging, gezien het feit dat zij in de praktijk lastig in beweging te krijgen zijn in hun vrije tijd. Wellicht is dit een extra reden om de zwaarte van het werk aan te pakken.

Kanttekeningen bij dit onderzoek

Hoewel in het onderzoek is gecorrigeerd voor leefstijlfactoren zoals roken, alcohol en voeding, is niet uit te sluiten dat deze factoren toch invloed hebben op de resultaten omdat ze vaak lastig te meten zijn. De onderzoekers hebben niet gelet op arbeidsomstandigheden. Zo komen bouwvakkers vaker in aanraking met gevaarlijke stoffen wat op lange termijn de sterfte kan beïnvloeden. Er is ook nog niet gekeken naar de aandoeningen waaraan mensen met zwaar werk en lichter werk overlijden. Al is wel bekend dat atherosclerose (aderverkalking) vaker voorkomt bij zware beroepen. In vervolgonderzoek worden deze factoren nader onder de loep genomen.

Verder lezen

Het onderzoek is gepubliceerd in het vaktijdschrift British Journal of Sports Medicine.
Voor meer informatie kunt u ook terecht bij: Pieter Coenen, Amsterdam UMC, locatie VUmc, p.coenen@vumc.nl.